Met in Vlissingen een gemiddelde temperatuur van 15.4 graden tegen 12.9 graden normaal was mei daar de op één na warmste meimaand sinds het begin van de metingen in 1855. Tien jaar geleden was mei met 15.8 graden nog iets warmer. Voor de KNMI-stations in Wilhelminadorp en Westdorpe was het met resp. 15.6 en 15.7 graden de warmste meimaand sinds de start van de metingen rond 1990.
Voor het grootste deel van het land kan gesproken worden over de warmste mei sinds het begin van de metingen in 1706, in het oosten van het land was de afwijking +4 graden.

Het aantal zomerse dagen met een maximumtemperatuur van 25.0 graden of meer was groot: in De Bilt waren dat er 13, het record was 12 uit 1992 en 2000. Landelijk liep het aantal zomerse dagen uiteen van 1 op Vlieland tot 16 in Arcen. In Zeeland meldde Westdorpe 10, Wilhelminadorp 8, Vlissingen 5 en Domburg 2 van die warme dagen.
De hoogste temperatuur werd op 28 mei in Westdorpe gemeten: 29.1 graden. De laagste temperatuur werd op 11 mei in Westdorpe gemeten: 2.9 graden. Op vier dagen kwam het daar nog tot vorst aan de grond.

De zon scheen in Vlissingen 261.9 uren tegen 218.3 uren normaal. Wilhelminadorp meldde 265.3 uren, de zon scheen landelijk het minst in Westdorpe met 260.2 uren. Zeer zonnig was het in het noorden van het land: op Terschelling scheen de zon 326.1 uren.

Gemiddeld over Zeeland viel 63.9 mm tegen 58.2 mm normaal. De maandsommen liepen uiteen van 36.3 mm in Kapellebrug tot 103.3 mm in Ovezande. Landelijk viel de meeste regen in Dronten (113.6 mm), het droogst was het in Oost-Vlieland met 13.4 mm. :